Praktijkrichtlijn Ergonomie in het secundair onderwijs
Met het nieuwe schooljaar lanceert VerV een nieuwe praktijkrichtlijn rond Ergonomie in het secundair onderwijs. Aan de hand van vijf stellingen wordt aan de directie duidelijk gemaakt wat ergonomisch werken op een school betekent. Samen met de leerkrachten kunnen ze dan inspiratie vinden in de praktijkvoorbeelden. Voor de leerlingen tenslotte is er per stelling een poster voorzien om ook hen bewust te maken.
VerV praktijkrichtlijn "Ergonomie in het secundair onderwijs" (.pdf)
Elke leerling heeft recht op meubilair op maat
Voor een goede zithouding moet een leerling beschikken over een stoel en schoolbank op zijn of haar maat. Dat betekent dat in een klas verstelbare tafels of meerdere maten van tafels en stoelen aanwezig zijn. Een hellend tafelblad zorgt voor een goede houding van de rug en nek.
Elke leerling moet het zitten elke 30 minuten kunnen onderbreken
Minder zitten en meer bewegen is ook een uitdaging op school. Met de aanwezigheid van (zit-) statafels in de klas, biedt men de mogelijkheid om zitten en staan af te wisselen tijdens de les. Minder zitten en meer bewegen kan bovendien op, rond, buiten en naar de lesplek.
Een boekentas weegt maximaal 10% van het eigen lichaamsgewicht
Een rugzak is de beste manier om schoolmateriaal te dragen. Een rugzak met compartimenten, verstevigde rug, brede en beklede schouderbanden houden het gewicht dicht bij het lichaam. Voor een goede houding blijft het gewicht van de rugzak best beperkt tot 10% van het lichaams– gewicht. Daarvoor zijn lockers op school een must.
Het laptopgebruik op school blijft beperkt tot 2u per dag
Om te leren met focus en om te pauzeren met beweging en interactie, is er voor de GSM tijdens de schooluren geen plaats. Gezond leren betekent ook dat men maximaal twee uur per dag op school met de laptop werkt. Een collectieve IT infrastructuur voorziet een bureautafel met een afzonderlijk scherm, toetsenbord en muis. Dat geldt ook voor de leerplek thuis.
Elke leerling volgt onderwijs in een gezonde omgeving
Een klaslokaal heeft voldoende oppervlakte en laat een flexibele opstelling van meubilair toe. Een minimale gemiddelde verlichtingssterkte van 500 Lux en een CO2 concentratie van minder dan 900 ppm zorgen voor een gezonde klasomgeving. Een goede verstaanbaarheid in heel het klaslokaal vereist een akoestische bekleding van plafond en muren.
* Bekijk ook:
Praktijkrichtlijn verplaatsen van personen
Praktijkrichtlijn kantoorinrichting
Praktijkrichtlijn risicoanalyse ergonomie