Verslag kantoorergonomie

De studiedag "Evidence based ergonomics" werd dit jaar voor het eerst georganiseerd met als thema kantoorergonomie. Bedoeling was een seminarie voor en door de Europees Ergonomen te voorzien waarbij wetenschappelijke artikels worden ter discussie gesteld. Uiteraard was iedereen welkom om te komen luisteren, wat met 25 deelnemers zorgde voor een goed gevuld leslokaal in het Gymnasium van de KULeuven.

Freddy Willems - Meten van piekbelasting en invloed op klachten
BES NL - Resultaten vragenlijst studiedag 2011
Veerle Hermans - Landschapskantoren en verlichting
Luc De Vriendt - Landschapskantoren en geluid
Jan Seghers - Minder zitten is niet gelijk aan meer bewegen


Freddy Willems opende de studiedag met een artikel dat het computergebruik effectief is gaan meten of tellen. Dit geeft andere resultaten dan wanneer men dat subjectief bevraagd aan de beeldschermwerkers. Op basis van deze objectieve gegevens gingen de onderzoekers piekbelastende dagen en weken definiëren: meer dan 4 uur per dag, meer dan 160 aanslagen per minuut, meer dan 20 muiskliks per minuut,... De ervaren klachten werden subjectief bevraagd. Opvallend was dat de studie geen verband vond tussen piekbelasting en lichamelijke klachten. Wanneer men verder ging differentiëren, bvb aantal muiskliks, dan werden wel correlaties zichtbaar. De criteria waren dus mogelijks niet specifiek genoeg om verbanden te vinden. Over een controlegroep werd in het artikel niet gesproken.

Huget Desiron vertelde over een systematische review waarin ze een concreet antwoord hoopte te vinden op de vraag of de verschillende "ergonomische" hulpmiddelen ook effectief invloed hebben als secundaire preventie. Vertonen mensen met klachten een verbetering op vlak van comfort, veiligheid en prestatie na de ergonomische interventie? Uit de onderzoeken bleek dat vooral het subjecteve discomfort werd bevraagd in de studies, de prestatie werd veel minder bekeken. De afzonderlijke studies vonden vaak wel een positief effect van bvb een volledig instelbare bureaustoel, verticale muis, negatief geheld toetsenbord, wit-blauw licht, enz... Echter om van een sterke bewijskracht te kunnen spreken, waren er drie onderzoeken nodig die tot hetzelfde resultaat kwamen. Zoveel onderzoeken waren er gewoon niet te vinden per interventie, los van het resultaat. Er is dus nood aan meer onderzoek en dan liefst nog van hoge kwaliteit.

Roeland Motmans lichtte de resultaten toe van een vragenlijst die op de vorige studiedag rond kantoorergonomie werd ingevuld door Nederlandse en Belgische ergonomen. Het opzet was eerder ludiek, maar de antwoorden maakten toch de diversiteit in meningen duidelijk. In de discussie kwam naar voren dat een bureaustoel slechts goed kan zijn wanneer de tafel ook goed staat ingesteld. Verstelbaarheid is een must, met zelfs de suggestie om zit-statafels standaard te adviseren. Met een goede tafelhoogte geniet het zitten onder open hoek de voorkeur. Deze stoel heeft best 3D armsteunen zodat de armen goed ondersteund worden in een ontspannen houding. Met een goed ingestelde werkplek zouden gelsteunen nog weinig meerwaarde hebben. Mensen die toch klachten hebben, kunnen specifieke oplossingen zoals verticale muizen best uitproberen om de meest gepaste oplossing te kunnen bieden...

Veerle Hermans maakte duidelijk dat een goed verlichtingsplan niet alleen de visuele klachten vermindert, maar ook rugpijn. Deze studie beschreef de overgang van individuele bureaus naar een landschapskantoor, waarbij er extra aandacht was om de verlichting te verbeteren. Dit betekende dat de bureaus loodrecht op het venster stonden met het scherm op minstens 2 meter afstand. Om het invallend daglicht te controleren, waren horizontale lamellen voorzien. De langwerpige lichtbakken stonden dwars op de bureaus, zodat het licht zijwaarts op de werkplek invalt en geen rechtstreekse verblinding mogelijk was. De armaturen hadden spiegeloptiek zodat ook veel indirecte verlichting op de bureau valt, die weinig reflectie of schaduw geeft. Naast de hoeveelheid licht is ook de lichtverdeling belangrijk. Uit de discussie kwam naar voor dat een goed ontwerp ook het advies inwint van een lichtstudie.

Luc De Vriendt haalde een ander belangrijk aandachtspunt in landschapskantoren aan: lawaai. Bedrijven kiezen volop voor open office ruimtes omdat vooral de kosten lager liggen. Daarbij wordt vaak het argument van verbeterde communicatie aangehaald, hoewel daar weinig wetenschappelijke evidentie voor te vinden is. Integendeel er zijn ook heel wat nadelen bij een landschapskantoor: mensen zijn sneller afgeleid, worden meer gestoord, kunnen zich moeilijker concentreren, halen minder voldoening uit het werk, enz.. Bij het ontwerp van een landschapskantoor hoort dus ook een geluidsstudie. Nog belangrijker dan de hoeveelheid geluid in dB, moet gekeken worden naar de STI (sound transmission index). De ideale waarde zal afhankelijk zijn van de taken die in de ruimte gebeuren. In een aula moet het geluid juist goed geleid worden in tegenstelling tot een ruimte waar men cognitief belastend werk uitvoert.

Jan Seghers presenteerde tot slot een studie over het effect van bewegingspromotie op het werk. Dit bleek echter geen invloed te hebben op het aantal uren dat men zit achter zijn bureau. Hij stelde daarom dat minder zitten niet gelijk is aan meer bewegen. Om dit te verklaren stelde hij een continuum voor van slapen, zitten, licht intensief, matig intensief tot intensief bewegen. De gezondheidsrichtlijn van 30 minuten matig intensief bewegen is niet de juiste strategie om minder te zitten. De stap ertussen, licht intensief bewegen, is een betere trigger om het zitgedrag te veranderen. Concreet zou dit betekenen dat men best na elk uur zitten eens rechtstaat en rondwandelt. De zit-statafel, printer in apart lokaal, trappen nemen,... zijn activiteiten die hierbij aansluiten. Dat het ombuigen van gedrag mogelijk is werd geïllustreerd door een aantal interessante praktijkinterventies. Door een bord aan de trap te plaatsen dat aanmoedigde om deze te gebruiken, ging mensen dit ook effectief meer doen. Bij een bedrijf werden voetjes op de vloer geschilderd, wat meer wandelen tot gevolg had. Een bord versterkte dit effect nog eens en een bedankingsmail kon het effect doen aanhouden...

Het laatste is nog niet gezegd over kantoorergonomie, maar deze studiedag was een boeiende bijeenkomst om de harde data te toetsen aan de praktijk. Dank aan de sprekers en het publiek voor de interactie.

Verslag: Roeland Motmans