Portret Toni Dohogne

Om te weten wie onze leden zijn en wat hen drijft, laten we elke nieuwsbrief een lid aan het woord. Deze keer is het de beurt aan Toni Dohogne. Na 40 jaar in de ergonomiewereld is hij nu op pensioen, maar nog steeds actief voor de Podiumkunsten. Benieuwd naar zijn ervaringen en kijk op ergonomie...

1. Wie ben je?
Als ik mezelf moet omschrijven dan zou ik zeggen: iemand die graag projectmatig werkt. Over mijn carrière heen heb ik ontzettend veel projecten mogen opstarten en uitwerken. Zoeken naar beter, eenvoudiger, efficiënter en effectiever waren mijn drijfveren. Voor mezelf is variatie, afwisseling en vernieuwing in mijn professionele carrière altijd belangrijk geweest. Gedurende 40 jaar heb ik geen 2 dagen hetzelfde gedaan. Ik heb voor meer dan 12 werkgevers gewerkt in binnen- en buitenland. Mijn werk is gestart in de kinesitherapie en geleidelijk aan heb ik het bijgestuurd in de richting van preventie op vlak van veiligheid en ergonomie. Die 40 jaren zijn snel voorbij gegaan...

2. Waar werk je en wat doe je?
Nu ben ik op pensioen maar werk nog één dag per week voor de sector van de Podiumkunsten waar ik de laatste vier jaar gewerkt heb. Ergonomie en veiligheid is zeer belangrijk in deze sector. Denk maar aan de opbouw van podia, festivals, publiek, werken met acteurs, dansers en muzikanten,.. enz. Het hele pallet aan preventie op vlak van veiligheid en ergonomie is present. Ik heb een eenvoudig systeem ontwikkeld voor de preventieadviseurs (die we zelf opleiden) met heel wat praktische werkdocumenten zoals checklists, instructiefiches, risicoanalyses op vlak van veiligheid en ergonomie. Brandveiligheid is zeer belangrijk in de sector, publiek evacueren is niet simpel en ergonomie speelt daarbij een belangrijke rol.

3. Hoe ben je in de ergonomiewereld terechtgekomen?
Wel, dat was in Zweden. Ik werkte daar in een ziekenhuis en ben in contact gekomen met wat ze ginder noemen ‘bedrijfskinesitherapeuten’. Deze werkten zowel in ziekenhuizen als in bedrijven.  Ik heb daar een week opleiding gevolgd om kennis te maken met hun visie en werkwijze. Het ‘licht’ ging aan voor mijn verdere professionele carrière. Toen ik terug in België aankwam heb ik me direct aan de UIA ingeschreven om de opleiding ergonomie en arbeidshygiëne te volgen. Dit was in 1986. Ik hoorde bij de eerste lichting die afstudeerde en heb snel werk gevonden bij een externe preventiedienst. Ik denk dat ik een van de eerste ergonomen ben die van start gegaan zijn in België. Maar omdat ik het gevoel had nog iets te missen om die ergonomie goed te kunnen uitwerken ben ik de opleiding tot preventieadviseur gaan volgen op de KU Leuven. Nu had ik alles in handen om diverse projecten te kunnen uitwerken.

4. Op welke realisatie op ergonomiegebied ben je het meest fier?
Ik moet eerlijk toegeven dat ik heel wat mooie projecten heb kunnen uitwerken zowel in de bedrijfswereld als in de gezondheidssector. Maar één van mijn mooiste projecten was wel de fysieke belasting verbeteren bij het verzorgend personeel in het universitair ziekenhuis van Leuven. Wat in het begin leek op een opleiding tiltechnieken is heel snel geëvolueerd naar een totaalproject.  Het is onvoorstelbaar wat er eigenlijk allemaal komt bij kijken om de fysieke belasting te verminderen. Ik som er maar een paar op:

- de grootte van de kamers werd herzien
- de kledij van het personeel werd herzien, van schort naar broekpak
- de bedden moesten allemaal in hoogte regelbaar zijn, liefst elektrisch
- besturing van de bedden
- aangepaste tiltoestellen, actieve en passieve
- glijmatten en andere hulpmiddelen
- de communicatie en de aanraking en medewerking van de patiënten
- werkorganisatie en overleg op alle niveaus

Ik had ook gevraagd dat de verpleegkundigen die van mij opleiding kregen, de volgende dag al het materiaal ter beschikking zouden hebben waar we tijdens de lesdag mee geoefend hadden. En dat is wonder boven wonder goed gelukt. Het project werd gedragen door de basis wat niet onbelangrijk is om de slaagkans te vergroten.

5. Wat vind je een mooi voorbeeld van ergonomie?
Alle dingen die ik hierboven heb vermeld, zijn mooie voorbeelden van ergonomie. Een ander voorbeeld dateert van mijn tijd bij De Lijn. Er werd gezocht naar een middel om de bussen beter toegankelijk te maken voor de minder mobiele mensen en de rolstoelgebruikers. Belangrijk was om de bushaltes tot een aangepaste hoogte te brengen en de vering van de bus aan één kant te laten zakken bij de halte (dus de bus kantelt een beetje) zodanig dat er weinig of geen drempel meer was tussen bus en halteplaats. Dikwijls kunnen kleine dingen al heel veel mensen helpen.

6. Wat zijn je toekomstplannen?
Mijn werk is nog niet af bij de Podiumkunsten, maar ik vermoed dat dit mijn laatste professionele activiteit is.  Misschien moet ik mij nadien wat meer toeleggen op ouderen alhoewel ik heel graag met jonge mensen werk. Met heel die hetse rond het concept ‘zwaar beroep’, ligt er ontzettend veel werk klaar voor de ergonomen op vlak van fysieke belasting. Ik zou opteren voor een puntensysteem om de zwaarte van de functie te beoordelen. Maar wel een puntensysteem dat kan wijzigen over de tijd. Het is niet omdat vandaag een beroep als zwaar ervaren wordt, dat het ook morgen zo zal zijn. Betere hulpmiddelen en andere materialen kunnen veel werk verlichten. Daarnaast zijn er minder en minder mensen die een heel leven lang hetzelfde beroep uitoefenen. Ook zijn er vandaag beroepen die er morgen niet meer zullen zijn. Morgen komen nieuwe beroepen uit, enz…. Dus, een prachtdomein waarin de ergonomen zeker een interessante bijdrage zullen kunnen leveren. Ik denk wel dat we een aantal politiekers eens serieus moeten wakker schudden. Stop het kortetermijndenken en bouw aan een visie op lange termijn dat goed onderbouwd is en ook rechtvaardig.

Terwijl ik dit schrijf denk ik aan mijn kinderen en kleinkinderen. Tot 67 jaar werken of nog langer moet in de beste omstandigheden kunnen gebeuren. Aan het werk zou ik zeggen !

 

Toni Dohogne