Portret Griet De Preter

Om zicht te krijgen op wie onze leden zijn en wat hen drijft, laten we elke nieuwsbrief iemand aan het woord. Deze keer is het de beurt aan Griet De Preter. Als ergonome aan de Vlaamse Overheid draait ze toch al heel wat jaren mee in het ergonomiewereldje. Benieuwd naar haar ervaringen!

1. Kan je een korte voorstelling geven van jezelf? Waar werk je en wat doe je juist?
Ik ben Griet De Preter. In 2006 ben ik afgestudeerd als licentiaat arbeidsorganisatie en gezondheid (deze opleiding heet nu milieu- en preventiemanagement). In 2010 heb ik mijn attest preventieadviseur ergonomie behaald.
Sinds 2008 werk ik als ergonoom bij de Gemeenschappelijke Dienst voor Preventie en Bescherming (GDPB) van de Vlaamse overheid. De meeste entiteiten van de Vlaamse overheid zijn bij ons aangesloten, wat betekent dat we voor meer dan 20.000 personeelsleden werken.
Als preventieadviseur ergonomie ben ik onder meer bezig met het uitvoeren van risicoanalyses ergonomie, het verlenen van advies bij bestekken, aankopen van arbeidsmiddelen of werkplekinrichting, informeren en sensibiliseren van personeel via onder andere infosessies en het geven van individuele adviezen voor personeelsleden met fysieke klachten.

2. Hoe ben je in de ergonomiewereld terecht gekomen?
Ergonomie vormde een belangrijk onderdeel van mijn opleiding, evenals vakken die er verband mee houden, zoals fysiologie en biomechanica. Naast fysieke ergonomie, kwam ook cognitieve ergonomie aan bod, waarmee het belang van mentale belasting benadrukt werd. Beide domeinen vind ik zeer interessant. Toen ik op zoek ging naar een nieuwe job en een vacature voor ergonoom zag, heb ik niet getwijfeld. Ik haal veel voldoening uit mijn job, omdat je mensen kan ondersteunen in het voorkomen of beperken van klachten. Het is motiverend dat je kan bijdragen aan een beter welzijn van de medewerkers en dat laat zich merken aan de positieve reacties die we vaak krijgen.
 
3. Op welke realisatie binnen ergonomie ben je het meest fier?

Vorig jaar was het tijd om ons raamcontract voor bureaustoelen te vernieuwen. Bij de vorige contracten kregen we wel de kans om input te geven, maar uiteindelijk was meestal de prijs doorslaggevend bij de keuze. Door een nauwere samenwerking met Het Facilitair Bedrijf, dat instaat voor de opmaak van de raamcontracten, konden we deze keer de ergonomische criteria een veel belangrijkere rol laten spelen. We hopen dat met de nieuwe bureaustoel meer mensen comfortabel en dynamisch kunnen zitten en dat minder mensen nood zullen hebben aan een ‘bureaustoel op maat’. Daarnaast is er ook onder andere een raamcontract gekomen voor zit-statafels en werden deze al in verschillende kantoren geïntroduceerd. Bij nieuwe projecten voor kantoorinrichting van Het Facilitair Bedrijf zullen vanaf nu minstens 20% zit-statafels voorzien worden. Mits de nodige sensibilisatie van de medewerkers, is dat zeker een goede preventieve aanpak.

4. Wat vind je zelf een mooi voorbeeld van ergonomie?

Als mama van jonge kindjes ben ik in de wolken met een autostoel die om zijn as kan draaien, zodat je je niet in onmogelijke houdingen moet wringen om je kindje vast te klikken in de wagen. Dat is veel minder belastend voor de rug en je kan bovendien beter beoordelen of de riempjes wel goed zijn aangespannen. Aangenamer voor ouder én kindje!

5. Wat zijn je toekomstplannen in de ergonomie?
Ik hoop dat we onze dienstverlening binnen de Vlaamse overheid verder kunnen uitbouwen en meer mensen bewust maken van het belang van ergonomie. Zeker op lange termijn kan een investering in ergonomie positieve effecten opleveren, maar helaas wordt vaak enkel naar de kosten op korte termijn gekeken. Met het vooruitzicht dat we langer zullen moeten werken en ook steeds ‘meer met minder’ moeten doen, zal ergonomie alleen maar aan belang winnen. Hopelijk kunnen we onze leidend ambtenaren daarvan overtuigen, zodat we op termijn voornamelijk preventief kunnen werken.