Verslag interprovinciaal congres 2018

Op het interprovinciaal congres van 25 mei 2018 kregen alle welzijnsdomeinen de kans om hun blik op de toekomst toe te lichten in de veranderende arbeidswereld. Wat is er nodig op vlak van wetgeving en de huidige preventiestucturen? Voor VerV lichtte nationaal voorzitter Roeland Motmans enkele standpunten toe om te komen tot meer en betere ergonomie.

 Presentatie "Meer en betere ergonomie" (.pdf) 

De voorbije twintig jaar is ergonomie weinig gegroeid, het is een kleine disicpline gebleven ondanks het hoge ziekteverzuim in fysieke sectoren en de nieuwe technologieën waarin de menselijke factor (human factor) de grenzen blijft aangeven. Om ergonomie meer en beter tot bij de bedrijven te brengen zijn een aantal acties nodig.

Niet-ergonomen sterker maken in ergonomie

De interne preventieadviseur heeft te weinig bagage ergonomie. Er is nood aan een bredere basis voor de multidisciplinaire preventieadviseur. De basis zou niveau II moeten zijn waarin alle domeine veel meer aan bod komen, minimum drie dagen ergonomie. Zo kan hij zelf aan de slag gaan met ergonomie en dit opnemen in de risicoanalyse.

Het niveau van de specialist ergonomie verhogen

De toegevoegde meerwaarde van de preventieadviseur is vandaag niet duidelijk. Door leerlijnen en eindtermen vast te leggen moet het niveau van de specialisatie opleiding geborgd worden. Daarnaast moet de specialist zelf stoppen met opleiding tiltechnieken te geven en zich bezig houden met het expertniveau van de Sobanestrategie. Er moet ingezet worden op metingen die dan meer evidence based geïnterpreteerd worden.  

Nationaal instituut voor welzijn

De kennis en middelen van ergonomie zitten versnipperd over de externe diensten en hun regio’s heen. Deze worden efficiënter gebundeld in een overkoepelend instituut. Van daaruit kan kennis opgebouwd worden, kunnen tools ontwikkeld worden en kan toegepast onderzoek gestuurd worden. Externe diensten doen vandaag 11x hetzelfde wat geldverspilling is. Concurrentie kan niet liggen op vlak van inhoud of het welzijn van de medewerkers.

Sectorakkoorden

FOD WASO heeft vandaag geen slagkracht. Ze ontwikkelen tools, promoten die, maar het gebruik ervan blijft heel vrijblijvend. TWW verstopt zich achter de wetgeving, maar geeft er nooit concrete invulling aan. De overheid dient een spelverdelende rol op te nemen, waarbij ze de internen en externe specialisten samenbrengt per sector. Dit kan leiden tot minimumafspraken binnen een sector over hoe risicoanalyse toe doen en welke preventiemaatregelen basis zijn. Dit zorgt voor een uniforme taal die voor iedereen meer houvast geeft.